De beslisser

Deel 4 van 5 in de serie De leerstijlen van Kolb

beslisserDe beslisser durft besluiten te nemen. Hij koppelt graag de theorie aan de praktijk.

Als het gaat om een probleem op te lossen waar één juiste oplossing voor gezocht moet worden, ben je bij de beslisser aan het goede adres. Hij gebruikt hierbij graag technologische begrippen, modellen en theorieën.

De beslisser is praktisch ingesteld. Hij werkt graag volgens een plan zodat hij stap voor stap tot het juiste resultaat kan komen. In de planfase van een project weegt hij zorgvuldig voors en tegens tegen elkaar af. Hij gaat doelgericht en planmatig te werk en zet ideeën om in daden.

De beslisser leert van praktijkvoorbeelden. Hij leert optimaal als hij onder begeleiding van een expert kan oefenen. De expert kan hem de technieken tonen en staven met duidelijke praktische voorbeelden

De beslisser doet het goed in conventionele intelligentietesten. Hij houdt zich liever bezig met technische problemen en dingen dan met mensen en weet zijn emoties goed in toom te houden.

Waar wordt een beslisser blij van?

  • deskundige docenten (moeten het zelf ook kunnen)
  • duidelijke rode draad in de stof
  • praktijkvoorbeelden
  • demonstraties
  • gelegenheid om zelf praktische conclusies te trekken;
  • praktijkgerichte leerstof – relatie tussen theorie en praktijk
  • zelfstandigheid: technieken en aanwijzingen om het zelf te doen
  • gelegenheid te experimenteren met zelf bedacht oplossingen
  • gelegenheid zelfstandig praktische conclusies te trekken

Sociaal:

  • is meer gericht op dingen dan mensen

Hulp geven bij:

  • leer hem dat wat hij nu leert later van pas komt.
  • het juiste probleem oplossen

 

De denker

Deel 5 van 5 in de serie De leerstijlen van Kolb

denkerDe denker houdt van logica en redeneren. Hij is goed in analyseren en stelt graag onderzoekende vragen. De denker zoekt naar een logische samenhang tussen zaken. Hij werkt systematisch en nauwkeurig en is goed in het maken van gedetailleerde plannen en schema’s, Hij onderzoekt graag de achtergronden voor hij conclusies trekt.

Logica, nauwkeurigheid en denken in heldere, abstracte begrippen staan voorop. Theoretische modellen worden vertaald naar de werkelijkheid. Het is belangrijker dat de ideeën logisch zijn dan praktisch uitvoerbaar. Niet alle ideeën van een denker zijn even bruikbaar.

Een denker kan niet goed tegen wanorde, hij leert het beste in gestructureerde situaties, Hij leert het liefst uit boeken.Hij zal niet snel om hulp vragen.

Waar wordt een denker blij van?

  • orde en rust in de klas en in de studeerkamer
  • duidelijke doelen en helder programma
  • goed gestructureerde leermiddelen.
  • uitdaging: Complexe vraagstukken
  • gelegenheid om vragen te stellen
  • zelfstandig leerstof doornemen
  • vertel ze waarom ze iets leren
  • zelfstandigheid: Bemoei je niet teveel met een denker
  • geef ze tijd het hoe, wat en waarom te ontdekken

Sociaal:

  • liever geen groepswerk

Hulp nodig bij:

  • het praktisch toepassen van kennis
  • samenwerking

De dromer

Deel 3 van 5 in de serie De leerstijlen van Kolb

dromerDe dromer heeft een grote verbeeldingskracht en fantasie. Concrete situaties kan de dromer vanuit verschillende invalshoeken bekijken. Hij kan snel verbanden leggen. Dromers zijn meestal creatieve mensen die ruimte nodig hebben voor het creëren van ideeën.

De dromer kijkt hoe anderen een probleem aanpakken en denkt eerst na voordat hij iets doet.Hij denkt na over situaties en probeert zich in te leven. Hierdoor ziet hij vaak meerdere (goede) oplossingen, maar twijfelt over een beslissing. Daardoor neemt hij beslissingen soms traag. Een dromer heeft daarom tijd en ruimte nodig om goed te kunnen leren.

Dromers vernieuwers, ze zien veeloplossingen, ook in de conceptfase van een project.

De dromer wordt blij van:

  • visuele presentatie van de leerstof
  • leerstof uitleggen met voorbeelden
  • geen limiet of tijdsduur opleggen; dan blokkeren ze
  • aanmoediging; zo leren ze beter en liever
  • werk volgens een plan
  • laat ze zich veilig voelen
  • confrontatie met verschillende visies
  • ruimte om ervaringen en gevoelens te uiten
  • tijd om de ervaringen te verwerken
  • geef ze uitdaging, ze hebben een veelzijdige belangstelling
  • geef ze de tijd/kans (achteraf) na te denken over acties

Sociaal:

  • geef ze tijd de overige groepleden te leren kennen
  • geef ze kans gedachten uit te wisselen met de groep

Geef hulp bij:

  • het nemen van besluiten

De doener

Deel 2 van 5 in de serie De leerstijlen van Kolb

doenerDe kracht van de doener ligt in het doen. Hij wil aanpakken; is overal voor in en houdt van nieuwe dingen uitproberen. De doener wordt graag in het diepe gegooid, hij is doelgericht en leert door praktisch bezig zijn en actief experimenteren. Hij is impulsief en gaat snel over tot actie. Hij durft risico’s te nemen en is er goed in nieuwe zaken op gang te brengen.

Hij is graag betrokken bij het hele proces. Hij vindt het soms moeilijk om hoofd- en bijzaken van elkaar te onderscheiden dus hij werkt graag volgens een goede planning, Hij vertaalt graag de strategie in een doel omdat hij tastbare resultaten wil bereiken,

Een doener kan goed met mensen omgaan. Hij doet het goed in nieuwe situaties en een nieuwe omgeving met de daar aanwezige specifieke en concrete situaties. Hij vertrouwt op anderen voor kennis en informatie, die vindt hij belangrijker dan zijn eigen analytische capaciteiten. Een doener werkt graag samen maar kan wel ongeduldig als iets niet gaat zoals verwacht. Soms kan hij drammerig overkomen in zijn dadendrang.

De doener wordt blij van:

  • groepswerk, taakjes en projecten.
  • tijd en ruimte om dingen uit te proberen
  • uitdagingen en nieuwe situaties
  • directe ervaring door dingen te doen
  • problemen om op te lossen
  • afwisseling verschillende werkvormen
  • vrijheid m snel te reageren

Sociaal:

  • humor, plezier en ontspanning op de leerplek
  • veel samenwerken:
  • contact met anderen

Heeft hulp nodig bij:

  • voorbereidingen treffen
  • hoofd- en bijzaken onderscheiden.
  • terugkoppeling op eigen acties

De leerstijlen van Kolb

Deel 1 van 5 in de serie De leerstijlen van Kolb

Leerstijlen Van KolbEen leerstijl is de manier waarop iemand leert. Iedereen pakt een leertaak op zijn eigen manier aan. De een begint met denken, de ander met doen.

Een leerstijl is de manier waarop iemand gewend is de leertaak aan te pakken.

Vergelijk het met de gebruiksaanwijzing van een nieuw apparaat. De een eerst de gebruiksaanwijzing van begin tot eind door. De ander leest alleen het begin. Weer een ander haalt de tekst  niet eens uit de verpakking. Hij gaat aan de slag en ziet wel waar het schip strandt. Uiteindelijk zal het ze allemaal best lukken om het apparaat aan de praat te krijgen. Zo is het ook met leren; iedereen heeft zijn eigen leerstijl.

De Amerikaanse psycholoog Kolb heeft onderzoek gedaan naar leerstijlen. Hij kwam uiteindelijk uit op vier verschillende leerstijlen die corresponderen met vier leerfasen:

[posts-by-tag tags=”leerstijl-kolb” number=”99″ excerpt=”true” excerpt_filter=”false” thumbnail=”true” order=”asc”]

Voorbeeld

Stel: je koopt een nieuw merk mobiel dat je nog niet kent; je leert hem te bedienen door:

  • ervaren: uitproberen hoe en of het werkt, allerlei knoppen indrukken
  • observeren: kijken wat er gebeurt
  • denken: is dit wat ik wil of moet ik het anders aanpakken
  • doen: de telefoon kunnen bedienen

Meestal worden de leerfasen in deze volgorde doorlopen.Gaat het anders, of wordt er een fase versneld, dan daalt het leerrendement. Dat is te begrijpen: ervaring wint aan waarde als je erover nadenkt, inzichten worden pas echt bruikbaar als je ze uitprobeert en toetst.

Iedereen heeft een eigen unieke leerstijl, vaak een combinatie van  leerstijlen. Als je alle vier de leerstijlen beheerst, ben je een all-rounder. Tegenwoordig, o.a. door de opkomst van het Nieuwe Leren, wordt het ontwikkelen van alle vier de leerstijlen aangemoedigd.

Op school

Gelukkig krijgen leerlingen steeds vaker les in de stijl die bij hen past. Toch is school vooral gericht op de denker, de nadruk ligt op het leren hoe dingen samenhangen en hoe je ze in een theoretisch kader kunt zien. Aan de andere leerstijlen: experimenteren en ervaren wordt meestal minder aandacht besteed.

Als je jarenlang volgens één bepaalde leerstijl moet leren kan je eigen leerstijl veranderen. Daarom hebben veel leerkrachten en afgestudeerde mensen  een overdenkende en theoretiserende leerstijl.

Iedere leerling heeft zijn eigen leerstijl of combinatie van leerstijlen. Iedere leerstijl heeft zijn eigen bijzondere kenmerken.