Faalangst

Deel 1 van 4 in de serie Faalangst

faalangstVeel beelddenkers hebben vaak de neiging tot faalangst en onzekerheid. Hierbij hoort ook een ‘dom’ voelen ondanks duidelijk aanwezige capaciteiten.

Ze hebben een perfect plaatje in hun hoofd waar ze eigenlijk nooit aan kunnen voldoen. Ze verwachten veel van zichzelf. Een tekening die ze voor zich zien, levensecht, komt bijna nooit zo op papier. Vaak wordt de tekening uit frustratie verscheurd en weggegooid.

Faalangst is de angst dat je niet voldoet aan de gestelde verwachtingen. Het heeft te maken met het kind zelf (dat de hoge lat legt), meestal met andere mensen (die de eisen stellen) en met zelfvertrouwen.

Faalangst wordt meestal veroorzaakt door negatieve ervaringen tijdens de schoolloopbaan of in de opvoeding. Het kan ook zijn dat er erg hoge verwachtingen zijn van het kind. Als een van de ouders last heeft van faalangst kan het kind dit overnemen (kopieergedrag).

Kinderen kunnen zich persoonlijk verantwoordelijk gaan voelen, en voelen zich minderwaardig als ze niet aan de eisen (kunnen) voldoen. Soms gaat het zo ver dat kinderen zich isoleren van klasgenoten en vrienden.

Faalangst is een probleem waar veel jongeren op school mee te maken hebben. In de brugklas heeft één op de tien leerlingen last van faalangst, terwijl dat getal in de eindexamenjaren oploopt tot gemiddeld een op de vijf leerlingen.

Er zijn drie soorten faalangst

  • Cognitieve faalangst: angst om niet te voldoen aan de eisen. Het kind is bijvoorbeeld bang dat het een onvoldoende haalt terwijl het wel goed is voorbereid.
  • Sociale faalangst: angst in het contact met andere mensen. Dit uit zich bijvoorbeeld in het praten in een groep, of om iets vragen bij de supermarkt.
  • Motorische faalangst: angst om het lichaam te gebruiken, bijvoorbeeld optreden bij een autorijexamen. Op zulke momenten voelt iemand met motorische faalangst zich als ‘verlamd’.

Geef hieronder je reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *